Category Archives: Filosofie

Rob Wijnberg is een B-filosoof

Het moet een keer gezegd worden: Rob Wijnberg is een B-filosoof. We kunnen dit makkelijk infereren door de positie die Wijnberg als redacteur en schrijver van linkse media inneemt (NRC next en de Correspondent). Vanuit de Verenigde Staten leren we hoe de linkse media aan èèn stuk liegt. Wijnberg is een kind van de NY Times, ergo Wijnberg liegt.

Maar ik zal er iets dieper op ingaan. Neem dit artikel van hem: ‘Zo ontstaat de illusie dat je de wereld begrijpt.‘ De titel is al tegenstrijdig: ‘ik vertel jou dat het een illusie is dat je de wereld begrijpt. Waarom weet ik dat? Omdat ik de wereld begrijp natuurlijk. Gekkie.’

Wijnberg begint met een quote van Nietzsche: “Ieder begrip ontstaat door het gelijkstellen van het ongelijke.” Prima quote. Nietzsche adresseert de onmogelijkheid van taal om tot perfecte waarheid te komen – taal is een verzameling symbolen. Één blad is het andere blad niet.

2redoak
Ongelijk

Als Wijnberg het hierbij zou laten dan was er niks aan de hand. Let op je woorden, je kan er wel eens naast zitten is een prima moraal. Maar Wijnberg gaat verder:

Nu is dat in de meeste gevallen niet zo erg. Niemand zal het je kwalijk nemen dat je alle bomen en alle bladeren over één kam scheert. Problematisch wordt het alleen wanneer je bedenkt dat we dit ook aan de lopende band met mensen doen.

Grieken.

Allochtonen.

PVV’ers.

Bankiers.

Door een Nietzscheaanse bril denk je opeens: wie houden we hier eigenlijk voor de gek?

Door een Nietzscheaanse bril houden we helemaal niemand voor de gek want Nietzsche had geen enkel probleem om met generalisaties zijn punt over te brengen. Zo schreef hij dat Jezus een 2000-jaar complot van de Joden was om de elite omver te werpen. Over Duitsers schreef hij dat ze hun passie kwijt waren en zichzelf moesten overstijgen. En wie kan natuurlijk vergeten wat Nietzsche over vrouwen schreef: histrionische wezens die niet in staat tot vriendschap waren. Hij vergeleek ze met katten en vogels. Of koeien op hun best. Die Nietzscheaanse bril toch!

Nietzsche zegt nergens iets dat ook maar enigszins lijkt op ‘niet generaliseren dat Grieken lui zijn.’ Integendeel, Nietzsche zou het als eerste bombastisch van de daken schallen. Nietzsche begreep namelijk de functie van taal: informatie over brengen en daarmee waarheid te benaderen. Het feit dat een begrip ontstaat door het gelijkstellen van het ongelijke betekent dat elk begrip een benadering van de waarheid is. Dat is heel wat anders dan claimen dat elk begrip een leugen is, zoals Wijnberg op bizarre manier doet. Dat hij daarmee de goede naam van Nietzsche door het slijk sleept is extra beledigend.

Niet alleen zal niemand het me kwalijk nemen als ik bladeren over één kam scheer, men zal het mij in dank afnemen als ik accuraat groepen bladeren samenvat in plaats dat ik ze één voor één benoem. Weer, dat is de functie van taal: effectief informatie overbrengen. In dezelfde zin is het woord PVV’ers heel accuraat om de mensen samen te vatten die op de PVV stemmen. Grieken is eveneens een prima woord om bewoners van Griekenland te omschrijven en per extensie geldt hetzelfde voor de generalisatie dat de gemiddelde Griek liever aan een strandje Tzatziki en Ouzo drinkt dan een 40-urige werkweek maakt. Mediterrane genen. Bankier is een prima woord voor iemand die hoog in het management van een bank zit. Allochtoon is een prima woord voor iemand die niet Nederlands is. Per extensie is Islam prima te generaliseren als een religie van oorlog en haat. Per extensie zijn Turken en Marokkanen prima te generaliseren als immigranten die agressiever en dommer zijn dan Aziaten en Nederlanders.

Al met al mag het nu wel duidelijk zijn dat Wijnberg ons niks leert over de ongrijpbaarheid van waarheid. In plaats daarvan misbruikt hij Nietzsche om ons typische linkspraat te brengen: ‘Maakt u zich vooral geen zorgen over de immigranten die Nederland binnenstromen. Hier is niks te zien en het is racistisch, haatdragend en xenofoob om er nogmaals over te beginnen! Tsja, ofwel realiteit is racistisch ofwel Wijnberg is erg veralgemeniserend als hij mij een racist noemt. Die paradox zal hem zelf waarschijnlijk de rest van zijn leven ontgaan. Maar het is nooit te laat.

Kortom: Wijnberg kan eloquent de partijlijnen van Harvard napraten, maar als filosoof is de beste man niet serieus te nemen. Ter afsluiting om het verschil tussen Nietzsche en Wijnberg nog even te benadrukken:

Dit is Nietzsche de filosoof.

Dit is Wijnberg de filosoof.

Advertisements

Free will is whatever you believe it to be

0000planet

So I stumbled upon Kristor’s post on free will, which was a response to Alrenous’ earlier post titled ‘free will is analytically impossible‘. Both talk about free will and both come to opposing conclusions.

Alrenous concludes that “the desire for ‘free will’ is an evopsych thing, not a philosophy thing. It’s about not being in physical chains. It’s about my values not being overridden by someone else’s. Not being in logical/causal chains is impossible.” Ergo there is not such thing as free will.

Kristor concludes “with the opposite notion: that we do really act; that our wanting and so our willing is free; that it is, truly, ours, and not that of some other; and that it is not merely a determinate logical function of its causal antecedents.” Ergo there is such a thing as free will.

Here’s my 2 cents: they’re both right as long as they respect Gnon. Alrenous’ analysis fits that prerequisite slightly better because he explicitly mentions the chains of nature and forces us to acknowledge that we are stuck in them. Kristor is also right but struggles in his explanation. In my opinion his distinction between ‘wanting’ and ‘doing’ is semantical. You do what you do and you want what you want.

Still Kristor is right because free will is whatever you believe it to be. Philosophers have hit a brick wall on the concept. Theology > philosophy. “Free will” has no use in a scientific discussion because there is no freedom in an unfree world. A problem can not be solved on the same level it was created. Do I have free will? Yes because X! No because Y! Either answer is unfalsifiable. The same thing goes for concepts like destiny, kharma and the existence of your soul. Real? False? Who knows. Unfalsifiable. Believe whatever you believe.

Of course I solve this problem by thinking of all those words as synonyms for God. But that’s me.

Nietzsche – de Elitair

jonge nietzsche

Ik heb de laatste weken een obsessie voor Nietzsche ontwikkeld. Zo slim die man! Het is maar goed dat hij algemeen beschouwd wordt als de enige filosoof die sinds de Grieken nog een enigszins nuttige bijdrage heeft geleverd aan de Westerse filosofie, want ik zou mijn lezer niet durven te vervelen met obscure vreemde vogels. Kuch.

Nietzsche is makkelijker te lezen dan hij is te begrijpen. Zelf is hij van mening dat zijn lezers hun uiterste best moeten doen om hem te begrijpen – hij gaat er in elk van z’n boeken vanuit dat je zijn eerdere boeken hebt gelezen en refereert bijzonder graag naar zichzelf. Als je Nietzsche half probeert te begrijpen dan kan je Nietzsche maar beter niet begrijpen, aldus Nietzsche! Kortom, Nietzsche geilt op zijn denken. Het mag mijn lezers niet verbazen dat ik Nietzsche mag.

Ik zal dus mijn eer betalen aan de besnorde Duitser en pogen hem in mijn eigen woorden te begrijpen en zijn ideeen uit te leggen aan u, mijn weledele lezer. Vandaag: Nietzsche de elitair.

Nietzsche verdeelt de wereld in 2 kampen: de elite (kleine groep) & het plebs (de massa). Hij is hier vrij zwart/wit in en verwijst opnieuw en opnieuw terug naar deze dichotomie in de samenleving.

De elite heeft zich sinds de agrarische revolutie ontwikkeld en behoudt zijn status door uitbuiting van het plebs. Zij zijn de morele stem van de samenleving, zodanig dat we het in onze taal kunnen herleiden. We noemen een goed persoon een ‘nobel’ persoon, maar deze goedheid is puur te herleiden tot de nobiliteit waartoe deze persoon behoort. Nietzsche maakt het argument dat de woorden etymologisch gerelateerd zijn om precies die reden. ‘Goed’ is wat de elite goed noemt, puur omdat zij degenen zijn die de dienst uitmaken in de samenleving. De engelen komen net als de elite van boven.

In dezelfde zin is een ‘schuldgevoel’ slecht omdat de elite het slecht noemt. Het gevoel ‘schuld’ is afgeleid uit de onbetaalde leningen die het plebs open hadden staan bij de elite. Met andere woorden, een schuldgevoel heeft helemaal niks te maken met hogere waarden van moraliteit! Het is puur de extensie van financiele schulden die het plebs maakten – de elite heeft hier het hedendaagse stempel ‘slecht’ op gestampt omdat de elite wederom degenen zijn die de dienst uitmaken in de samenleving! De elite zelf behoeft geen enkel schuldgevoel. Zoals Thucydides zei: the strong take what they will, the weak endure what they must. De elite is niet je vriend.

Nu, het plebs. Het plebs zijn de zwakkeren van samenleving. De valkuil is om te denken dat het plebs onrechtmatig onderdrukt wordt, dat ze smeken om vrijheid! Nee nee nee, ‘recht’ en ‘vrijheid’ zijn ideeen die bedacht zijn door de elite, heb je niet lopen opletten?

De zwakken zijn een mismaakt zooitje mensen dat door de elite in toom MOET worden gehouden mits ze de balans van de samenleving willen bewaren. De zwakken herbergen een diepe haat jegens de elite: Nietzsche noemt dit ‘ressentiment’. Het lijkt op resentment maar is het -net- niet. Ressentiment is een complexe emotie die bestaat uit afgunst, jaloezie, haat en aggressie. De zwakkeren willen deel worden van de elite maar haten tegelijkertijd alles waar de elite voor staat. Ze haten alles dat goed is, want dat is door de elite bedacht. Ze hemelen alles op dat slecht is, want dat is hoe zij zelf zijn bestempeld. Het plebs is niet je vriend.

Er is een grijs gebied tussen Waarheid & Geloof

Film-over-profeet

Er is iets vreemds met mensen aan de hand.

Vraag aan iemand of hij waarde hecht aan de waarheid. Grote kans dat hij ‘ja’ zegt. Duh, we vinden de waarheid allemaal belangrijk. Maar Waarheid, echte Waarheid (met hoofdletter W) lijken we zelden volledig te bereiken voorbij de absoluut concrete vraagstukken. Dit komt omdat we de wetenschappelijke methode -het falsificiëren van hypotheses- niet kunnen toepassen op abstracte vraagstukken. Wat ik daarmee bedoel is het volgende: in plaats van een waarheid hebben we in heel veel situaties een semi-waarheid; een grijs gebied waarin meerdere interpretaties juist zijn.

Een paar voorbeelden.

1. Het concrete; zwaartekracht
Spring van het hoogste punt van de Eiffeltoren en je zal doodvallen op de harde grond. Hier zal iedereen het over eens zijn; dit is waarheid. Waarheid vormt geloof.

2. Het concrete; architectuur
Of een gebouw overeind blijft staan hangt af van verschillende factoren die mathematisch berekend kunnen worden door zij die zich er in hebben verdiept. De ingestorte voorgevel van de Sagrada Familia was slecht gebouwd. Dit is waarheid. Waarheid vormt geloof.

3. Het historische; Jezus
Een man claimt dat hij de zoon van God is. Hoogstwaarschijnlijk een leugen, maar wie zal het zeggen? In de tijd van Jezus zelf konden we nog zijn wonderen falsificiëren (over water lopen) maar inmiddels is dat onmogelijk. De hoofdletter-W-Waarheid is verloren; alleen ons geloof blijft over. Geloof vormt waarheid.

4. Het filosofische; bewustzijn
Waarom zijn we hier, waar gaan we naartoe? Lees Matt Ridley’s Red Queen en je komt erachter dat wij slimme aapjes zijn die ronddolen zonder doel; we rennen rond in een kosmisch hamsterwiel. Maar Ken Wilbur’s Up from Eden beweert juist weer dat we langzaam groeien naar een hoger bewustzijn; wij zijn het universum dat langzaam van zichzelf bewust wordt. Wat is waar?? Geloof vormt waarheid.

5. Het sociale; sletvrees
Twee van mijn vrienden zeggen dat er geen moraal is. Eentje voert dit sexueel door: een meisje mag zoveel en zo vaak sex hebben als ze wilt. Het woord ‘slet’ is sociale conditionering. ‘Liefde’ is dat ook. Lees Robin Baker’s Sperm Wars. Ik weet niet of ik het volledig met ze eens ben. Maar weer, wie zal het zeggen? Geloof vormt waarheid – en in dit geval voor mijn 2e vriend een praktische waarheid, want wat maakt het makkelijker voor een meisje om uit de kleren te gaan dan het geloof dat ze daar geen slet voor is?

De rode draad in dit alles is het volgende: de waarheid in de vorm van fysieke wetten (biologie / architectuur / natuurkunde) staat los van ons totdat we er door interactie mee in aanraking komen. Geloof daarentegen is de kern in elke sociale interactie. Geloof = frame. Wij zijn geen waarheidszoekers, we zijn geloofszoekers.

Dit laatste is centraal. Dit betekent feitelijk dat we kunnen liegen wanneer we maar willen, zolang we onze leugens maar geloven. Liever een overtuigende leugen dan een wankelachtige waarheid. Maar om te benadrukken: dit zijn de extremen. In het grijze gebied vertelt iedereen simultaan leugens & waarheid, het maakt niet uit. Alleen de overtuiging WAARMEE we het zeggen maakt uit.

Geloof > Waarheid.

Het leven is ervaring na ervaring. Meer niet.

rupsje nooitgenoeg

Rupsje nooitgenoeg is een kinderboek dat ik vroeger fantastisch vond. Het verhaal draait om een rupsje dat altijd honger heeft; hoeveel hij ook eet, het is nooit genoeg. Hij vreet door lolly’s, worstjes, meloen, kaas, ijs, vruchtencake, noem maar op. Maar het was nooit genoeg. Hij wou altijd meer.

Ik zie mensen (inclusief mezelf) keer op keer de fout van rupsje nooitgenoeg maken.

We zoeken naar een speciaal doel in ons leven, We willen allemaal iets bereiken – zodra we dát bereiken zijn we gelukkig. Geld is een heel typisch voorbeeld. Bijvoorbeeld hoe veel loterij-winnaars op de lange termijn niet gelukkiger zijn dan voorheen. Nu is het in mijn familie is er altijd ingehamerd dat geld voorbij een bepaald punt niet gelukkig maakt, dus ik heb weinig last van een drang om stinkend rijk te worden. Maar het rupsje nooitgenoeg syndroom manifesteert zich op talloze onvoorspelbare wijzen.

– ‘ik ben gelukkig als ik knappe chicks date’
– ‘ik ben gelukkig als ik goed ben in piano’
– ‘ik ben gelukkig als ik stop met roken’
– ‘ik ben gelukkig als ik beroemd ben’
– ‘ik ben gelukkig als ik een leuke vriend heb’
– ‘ik ben gelukkig als ik gespierd ben’

Het is telkens hetzelfde thema dat terugkeert: we willen een einddoel halen. We willen een finishlijn overgaan waarna we kunnen zeggen: ‘zo, nu ik ben ik er. He he.’ Maar die finishlijn bestaat niet. Het leven heeft geen finish. Het leven kabbelt alsmaar voort. Ja, je kan doelen in je hoofd opstellen en die behalen. Daar is ook helemaal niks mis mee, maar houdt jezelf niet voor de gek: het geluk dat je ermee denkt te winnen is van tijdelijke aard. Ik geef een voorbeeld.

Stel, je heb hoogtevrees. Je wilt deze angst koste wat kost overwinnen en neemt jezelf voor om te gaan skydiven. Je maakt een afspraak, en op een dag is het zover. Je krijgt uitleg en stapt samen met een instructeur in het vliegtuig dat alsmaar hoger en hoger klimt. Elke cel in je lichaam schreeuwt ‘NEE IK WIL DIT NIET HAAL ME WEG HIER’. Maar je blijft vastberaden. Als je bij de open vliegtuigdeur op 4 km hoogte staat gaat je hart als een wekker tekeer. Je springt.

Het springen is zoals niks dat je je hebt voorgesteld. Je voelt alles tegelijk – doodsangst, vrijheid, verbazing, ongeloof, schoonheid, adrenaline… Voordat je het weet ben je beneden. En je voelt je ongelooflijk. Je gloeit zo trots ben je. Mag je ook zijn. Je hebt het gedaan, je hebt je angst overwonnen. Oh man wat een heerlijk gevoel. Je kan de hele wereld aan! Zo ga je je altijd voelen! Dít is Leven!

En misschien blijf je je wel een tijdje zo voelen. Maar uiteindelijk wordt je gewoon weer wakker in je eigen bed en voel je je weer ‘normaal’. Je hebt een groot doel gehaald, maar het leven erkent dit niet. God komt nooit opdagen om te zeggen: ‘gefeliciteerd jongen, achievement unlocked.’ Integendeel. Het universum gaat onverschillig door, ongeacht jouw gevoelens.

Nu is dit niet depressief. Het betekent alleen dat we onze focus moeten verleggen. Ja, we mogen best mikken op de high die het halen van een doel ons brengt. Maar de finish is niet het punt – de finishlijnen komen en gaan. Het proces is het punt. Zie Alan Watts.

Dit is zo kern. Het proces, of de reis >>>> het doel. De dans zelf, hoe lelijk die ook is, is altijd belangrijker dan het eventuele applaus erna. Er is maar één echte finishlijn en dat is de dood. Of je talent hebt of niet, het enige dat je kan doen is dansen.